ZONDAGSBRIEF 12 juli 2026

Een groet van overzee

Vanuit Indonesië schrijf ik u deze zondagsbrief.

Het eerste gedeelte van de missiereis (Java en Noord-Sumatra) zit erop en momenteel verblijf ik in
Palembang voor de viering van het 100-jarig bestaan van de Indonesische Congregatie Zusters
Franciscanessen van Charitas, in 1926 gesticht door Moeder Theresia Saelmaekers. In een
volgende brief zal ik hierover berichten.

De afgelopen twee weken stonden in het teken van bezoeken aan communiteiten, scholen,
verzorgingstehuizen, klinieken en internaten bij gelegenheid van de viering van het 225-jarig
jubileum van de congregatie van de Zusters Franciscanessen van Dongen. In 1923 is door Moeder
Constance van der Linden in Medan de congregatie gesticht Suster-suster Fransiskus Dina (SFD),
met als eerste communiteit ‘Sint Franciscus van Assis’.

Ik startte de reis in het hart van de congregatie – het noviciaat. Zo mocht ik op 24 juni getuige zijn
van 6 tijdelijke professie en 7 toetredingen tot het noviciaat. Heel feestelijk, vreugdevol en
hoopvol was de eucharistieviering en ook het bescheiden feestje daarna.

          Het noviciaat volgt op het (pre) postulaat. De tijdelijke gelofte wordt 3 jaren ieder jaar opnieuw afgelegd, daarna volgt een tijdelijke gelofte
          van 3 jaar in totaal. Na in totaal 6 jaar leggen de zusters hun eeuwige gelofte af. Met de oriëntatie, prepostulaat en postulaat, circa 8-10 jaar
          voorbereiding.

Overal wordt gedanst en gezongen. Als vader werd ik telkens binnen gedanst – een uitnodigende dans, waarop het antwoord meedansen is. Daarna werd ik letterlijk ingepakt. Diverse mooie ‘Ulos’, een sierlijke doek/sjaal die wordt omgehangen als teken dat je nu één bent met hen. Ook verschillende hoofddeksel werden opgezet, wat ongemakkelijk voor mij als het op een mijter lijkt.
Maar goed, voor hen cultuur en teken voor de eregast, je bent dan namelijk voor iedereen zichtbaar.

Op zich had ik dat niet nodig want een grote blanke man trekt sowieso veel aandacht. Het feit dat hier heel veel foto’s en video’s worden gemaakt maakt het er niet makkelijker op, want iedereen wil dan met die blanke man op de foto. Maar goed, veel van mijn vriendelijke glimlachen heb ik weggeven, maar ook nog wat bewaard voor andere gelegenheden.

De zusters hebben kleuter/basis/middelbare scholen en ook speciaal onderwijs. Veel docenten van buiten werken hier en geven een geweldige integrale vorming van de gehele mens. Alle talenten worden ontwikkeld, niet alleen het intellect. Veel aandacht wordt besteed aan persoonsvorming, talentontwikkeling, waardigheid van iedere mens en liefde voor de schepping naar het voorbeeld van Sint Franciscus (Laudato Si). Alle leerkrachten en enkele leerlingen waren speciaal voor deze gelegenheid naar school gekomen, het is namelijk vakantietijd, om hun school te presenteren. Naast de scholen zijn ook internaten gelegen waar kinderen worden begeleid en opgevangen als ouders verder weg wonen. De ouders en de zusters betalen hier ook voor de meer kwetsbare kinderen, zodat ook voor hen plaats is voor gelijkwaardige opleiding en vorming.

In totaal heb ik 13 van de 39 communiteiten kunnen bezoeken, 4 klinieken, 2 verzorgingstehuizen, 8 scholen, 4 internaten en 1 school voor speciaal onderwijs.

Het bezoek uit Nederland betekent veel voor de mensen, het is een teken van waardering voor hun werk en bemoediging voor het leven en werken in soms moeilijke omstandigheden. Het is fijn te weten dat je er niet alleen voorstaat, maar dat er ook vanuit Nederland mensen zijn, die jou ondersteunen met aandacht, liefde en gebed.

De communiteiten mocht ik namens de zusters van Dongen een cadeau overhandigen als aandenken aan het 225-jarig jubileum. De Indonesische zusters voelen een heel sterke band met Nederland en hun geschiedenis. De Stichteres Moeder Constance van der Linden wordt in iedere communiteit geëerd met een beeld en iedere dag wordt op haar voorspraak gebeden. Het presentje uit Nederland kreeg dan ook in alle communiteiten een ereplaats naast Moeder Constance. Dat ik namens de zusters van Dongen deze bezoeken mag brengen maakt mij dankbaar en ook klein. Wat hier meer dan honderd jaar geleden is begonnen groeit en bloeit nog steeds, zoals het zaad in het Evangelie dat in goede grond gezaaid is. Mooi om te zien hoe de zusters trouw blijven aan hun geloof, roeping en missie, met natuurlijk ook alle moeilijkheden van dien.
Het is voor mij persoonlijk een bemoediging en aanmoediging tegelijk, om zelf ook het geloof en de roeping zuiver te bewaren, voor te leven en door te geven.

In de vele gesprekken die ik met de zusters heb gevoerd, alle zusters inclusief de (pre)postulanten, in een grote kring lieten mij zien dat synodaliteit in deze congregatie al volledig aanwezig is.
Moeder-overste geeft alle zusters de ruimte om te spreken en alles kan worden gevraagd, iedere zuster doet hier ook actief aan mee. Zelfs heel directe vragen worden gesteld, daar ben ik dankbaar voor.

Graag zouden de zusters naar Nederland komen, niet omdat wij het nodig hebben, maar omdat zij het als hun roeping voelen en als missie zien om in Nederland het onderwijs in de parochies mede vorm te geven. Te denken valt aan het begeleiden van familiezondagen, catecheselessen, huisbezoeken aan families en wellicht in de toekomst ook wel weer lesgeven op katholieke kleuter- en basisscholen. De zusters gaan deze roeping verder onderscheiden en zullen daarna een plan indienen bij onze bisschop. Het is uiteindelijk aan de bisschop om de zusters uit te nodigen om naar Nederland te komen.

Ik geniet volop van de prachtige natuur, de mensen, de gastvrijheid, de enthousiaste beleving van het geloof en ik bid voor u. Bidden is hier een tweede natuur, een vanzelfsprekendheid, de getijden en eucharistie, de rozenkrans, gebed voor een autorit, passeren van een kerk, bezoek aan Mariagrot, etc. Hopelijk voelt u zich in deze tijd ook bijzonder gedragen door mijn gebed op vele en bijzondere plaatsen.

Dat ook in onze tijd en op de plaats waar wij wonen het Woord van God in goede aarde valt en vele vruchten mag voortbrengen.

Vrede en alle goeds!

Pastoor Jochem van Velthoven

DE WOLKEN

Ik droeg nog kleine kleren, en ik lag
Lang-uit met moeder in de warme hei,
De wolken schoven boven ons voorbij
En moeder vroeg wat ‘k in de wolken zag.

En ik riep: Scandinavië, en: eenden,
Daar gaat een dame, schapen met een herder –
De wond’ren werden woord en dreven verder,
Maar ‘k zag dat moeder met een glimlach weende.

Toen kwam de tijd dat ‘k niet naar boven keek,
Ofschoon de hemel vol van wolken hing,
Ik greep niet naar de vlucht van ‘t vreemde ding
Dat met zijn schaduw langs mijn leven streek.

– Nu ligt mijn jongen naast mij in de heide
En wijst me wat hij in de wolken ziet,
Nu schrei ik zelf, en zie in het verschiet
De verre wolken waarom moeder schreide –

Martinus Nijhoff
(1894-1953)

nl_NLDutch